Home

Leuke dingen

Leuke dingen!

 Ik heb geen glazen bol waarin ik kan zien hoe het duivenseizoen verder zal verlopen. Zelf heb ik daar gemengde gevoelen over. Het duivenspel is half lamgelegd en niemand weet wanneer er weer wedvluchten komen die betekenis hebben. Daar wil ik mee zeggen dat het pas echt is als we het weer tegen elkaar kunnen opnemen in verschillende concoursen. Natuurlijk hebben we al duivensport gehad in de twee trainingsvluchten maar dat prikte niet echt. Dat lijkt zo’n beetje op voetbal zonder publiek. Hoewel de trainingsvluchten toch beter zijn dan helemaal geen vlucht. Laten we daar duidelijk in zijn. Elke liefhebber die hunkert om de degens te kruisen in grote concoursen die moet voorlopig nog zijn geduld bewaren. De tijd zal het uitmaken wanneer dat kan. Dat in deze tijd zonder prijsvluchten toch ook nog fijne dingen aan huis met de duiven beleefd worden dat heb ik zelf ervaren. Veel genot heb ik van mijn van ploegje jonge duiven. Ik was er nog gene kwijt en het was een heerlijkheid om er naar te kijken als ze in de lucht hingen. Als ik ze morgens los liet dan snorden ze met een rotvaart naar buiten en bleven ze minstens ’n uur lang weg. En telkens was het voor mij weer genieten als ik zag dat het groepje van 22 stuks dan weer compleet was. Hoe lang gaat dit zo door dacht ik meermalen bij me zelf. Want dat het normaal is dat wel eens jonge duiven van huis weg blijven dat maakt elke liefhebber mee. Door het feit dat ze verdwalen of dat ze in hun vlucht dodelijk verongelukken. Het kan ook dat ze een prooi van de roofvogel worden. Ik was er op voorbereidt dat ik op zekere dag wel te maken zou krijgen dat ik er ‘paar zou missen. En ja hoor, onlangs was het zover. Nadat de jonge duiven in de namiddag hadden getraind was er ene niet aanwezig toen ik ze binnen riep. En de dag er na was die er ook nog niet. Ik nam aan dat ik die niet mee terug zou zien. Maar ik had het mis. Opeens kreeg ik telefoon van duivenliefhebber Peter Jennekens in Spaubeek. Die vertelde me dat een paar dames uit zijn buurt hem een gewonde jonge duif hadden gebracht. Ze hadden deze in een hopeloze toestand in hun tuin aangetroffen. En bij de rubriek “duif gevonden” van de NPO kwam hij aan de weet dat die bij mij stond geregistreerd. En inderdaad betrof het de jonge duif die ik had gemist. Peter vertelde me dat ze niet meer op haar pootjes kon staan en hij dacht ook dat ze aan een vleugel was gewond. Toen ik dat hoorde had ik de woorden op mijn tong liggen om Peter te vragen of hij ze uit haar lijden wilde verlossen. Maar ik slikte die woorden in en zei hem dat ik de duif kwam ophalen. Zo gezegd, zo gedaan. Even later tufte ik naar Spaubeek waar ik met veel vriendelijkheid door Peter en zijn vrouw werd opgewacht. En dat gedwongen bezoek dat werd een leuke visite waarbij we veel hebben gepraat over de duiven en z’n sport. En dat kreeg tien dagen later zijn vervolg. Met genoegen kon ik Peter toen aan de telefoon vertellen dat de jonge duif die ik bij hem had opgehaald < ze had beide pootjes gebroken > weer aardig ter been was. Hoewel ze nog ’n beetje mankte had ze verder geen ander gebrek. Ze, het is een duivin, maakt nu mijn ploegje weer compleet. Dergelijk voorvallen zijn leuke dingen bij een duivenmelker en dat hoort ook bij de duivensport. Bijzonder leuk en tevens ontroerend is ook de thuiskomst van een duif die dagen later terug keert van de vlucht. Onlangs bij de trainingsvlucht vanaf Etroeungt op 30 mei, is gehoord geworden dat menige hokken met achterblijvers te maken hebben gehad. Bij mezelf was dat ook het geval. Twee van mijn jarige doffers die me goed aanstonden, die lieten verstek gaan en waren de dag van de lossing nog niet terug. Helaas. Ook nu was ik weer van mening dat ik die als verloren kon beschouwen en wegstrepen kon uit mijn bestand. Het was niet nodig! Het is beter dat ik zo laat terug kom dan dat ik helemaal niet meer was gekomen moet mijn “kras 358” hebben gedacht toen hij middags op Pinkstermaandag arriveerde. Dat hij er duidelijk naast had gezeten dat kon ik merken aan zijn uiterlijk vertoon. Zijn dwaaltocht naar huis had hem gesloopt maar het toonde wel zijn karakter. Doorgaan tot het einde! De terugkeer van deze “358” die gaf me de stille hoop dat ook de andere doffer , “de vale 341 “ terug zou komen. Dan zou ik zeker door het dolle heen zijn. Gezien zijn afkomst, en dat hij als jonge vijf mooie prijzen had gewonnen, had ik in gedachten dat die wel eens ’n hele goeie zou kunnen worden. Vandaar dus mijn verlangen op zijn terugkomst. En dat verlangen kreeg op dinsdagavond, rond de klok van negen uur, zijn waarheid. Toen ik buiten aan het genieten was van de laatste uren van de mooie dag bij een ondergaande zon, landde zo plotseling ‘de vale ‘ op de valplank. Toen ik dat zag kreeg ik kippenvel. Van verbazing wist ik voor ’n moment niet wat ik moest doen. Mijn geluksgevoel bracht me van m’n á propos. Het gelukkig gevoel dat de terugkomst van ‘de vale’ bij me teweeg bracht dat zal heus door iedere melker begrepen worden. Omdat ze dat gevoel allemaal kennen.

Pie.

Copyright © 2013. All Rights Reserved.